Seksuele bevrijding in de vorige eeuw

In de jaren 60 en 70 van de vorige eeuw spraken we van een ware seksuele revolutie. Mede door de opkomst van de pil kon menigeen het verstikkende juk van kerk en moraal van zich afwerpen. Het taboe op porno verdween en het verbod op homoseksualiteit werd opgeheven. Vrijdag 13 februari spreken Hedy d’Ancona en Oswalt Kolle in het Amsterdamse Goethe Institut over deze bewogen jaren. Kolle houdt een korte inleiding uit zijn autobiografie ‘Ich bin so frei’. Daarna spreekt hij met d’Ancona over zijn rol als ‘Sexualaufklärer’ in de zestiger jaren in Duitsland en over welke rol de seksualiteit in Nederland in die tijd heeft gespeeld. De discussie in Nederlands en Duits begint om 18.00 uur. De toegang kost vijf euro. Het Goethe Institut zit aan de Herengracht 470 (bron: persbericht).

 

Oswalt Kolle was zoon van een vooraanstaande psychiater. Na omzwervingen kwam hij in de journalistiek terecht, maar opzien baarde hij in de 60er en 70er jaren, toen hij seksuele voorlichting populair maakte in tal van artikelen, boeken en films. Miljoenen Duitsers zagen zijn films ‘Das Wunder der Liebe’ en ‘Dein Mann, das unbekannte Wesen’. Hedy d’Ancona zat voor de PvdA in de Eerste Kamer, het Europees Parlement en was staatssecretaris voor onder andere emancipatiezaken (1981-1982) en minister voor Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur (1989-1994). Ze was oprichtster en van 1972 tot 1981 hoofdredactrice van het feministische blad ‘Opzij‘. Samen met Joke Kool-Smit richtte ze in 1968 de feministische actiegroep Man-Vrouw-Maatschappij op.


Lees ook:Lezing over Seksuele Bevrijding afgelast
Lees ook:Mosse lezing Joke Swiebel over einde artikel 248bis
Lees ook:Mosse Lezingen najaar 2011
Lees ook:Lesboactiviste Del Martin overleden
Lees ook:Malcolm McLaren overleden

Heb jij Gay.Blog nog steeds niet toegevoegd aan je Google homepage of Reader? Klik hier!


  • Geplaatst door Adriaan Rodenburg op 10 februari 2009 om 13:50

    Flauw om altijd weer te spreken over het verstikkende juk van de kerk te spreken. Een niet gering deel van de homo-emancipatie kan worden toegschreven aan de uiterst laagdrempelige huiskamerkringen, ooit opgezet door twee predikanten en een priester. Bovendien is de kerk ook een plek waar veel over maatschappelijke zaken wordt gesproken. En niet zelden met een positief resultaat. Overigens vond de niet-religieuze socialistische voorman Pieter Jelles Troelstra ‘den homofilie’ het grootste gevaar voor ‘den arbeider’. En met de sociaaldemocraten kwam het toch nog goed.

  • Geplaatst door Sara op 10 februari 2009 om 16:19

    Waarom weten we dat niet?

Geef een reactie